Sterrenbeeld Kleine Hond: zo vind je Canis Minor aan de hemel
Canis Minor, de Kleine Hond, is een klein noordelijk sterrenbeeld in de buurt van Orion. Het herkenbare patroon bestaat vooral uit een lijn tussen Procyon, de op zeven na helderste ster aan de nachtelijke hemel, en Gomeisa. Canis Minor is het gemakkelijkst te zien op avonden in februari en maart. Het sterrenbeeld bevat geen Messierobjecten; enkele van de weinige opvallende deep-skyobjecten zijn het spiraalstelsel NGC 2485 en de zwakke planetaire nevel Abell 24.
Gebruik Sky Tonight om te zien waar Canis Minor op elke gewenste datum en tijd vanaf jouw locatie verschijnt en wanneer Procyon zijn hoogste punt bereikt.
Inhoud
- Canis Minor: feiten over het sterrenbeeld
- Waar staat het sterrenbeeld Canis Minor?
- Zo vind je Canis Minor aan de hemel
- Helderste en interessantste sterren in Canis Minor
- Deep-skyobjecten in Canis Minor
- Mythologie van Canis Minor
- Veelgestelde vragen over Canis Minor
- Sterrenbeeld Canis Minor: belangrijkste feiten
Canis Minor: feiten over het sterrenbeeld
- Naam: Canis Minor (de Kleine Hond)
- Afkorting: CMi
- Oppervlakte: 183 vierkante graden (het 71e grootste sterrenbeeld)
- Middelpunt bij benadering: RA 7 u 40 m, Dec +6°
- Zichtbaar tussen: ongeveer 90° N en 77° Z; dicht bij de zuidelijke grens komt slechts een deel van het sterrenbeeld boven de horizon
- Hemelhalfrond: noordelijk
- Beste zichtbaarheid in de avond: van december tot en met april, vooral in februari en maart
- Helderste ster: Procyon (Alpha Canis Minoris)
- Andere heldere ster: Gomeisa (Beta Canis Minoris)
- Messierobjecten: 0
- Aangrenzende sterrenbeelden: Tweelingen, Kreeft, Waterslang en Eenhoorn
Waar staat het sterrenbeeld Canis Minor?
Canis Minor ligt ten oosten van Orion, ten zuiden van Tweelingen, ten zuidwesten van Kreeft, ten westen van Waterslang en ten noorden van Eenhoorn. Canis Minor en Canis Major grenzen niet aan elkaar: Eenhoorn ligt tussen de twee hemelse honden.

Wanneer is Canis Minor zichtbaar?
Noordelijk halfrond: Canis Minor is ongeveer van december tot en met april ’s avonds zichtbaar en staat in februari en maart het gunstigst. Kijk vanaf de middelste noordelijke breedtegraden naar het zuiden. Op 50° N bereikt Procyon ongeveer 45° boven de zuidelijke horizon; op 60° N is dat ongeveer 35°. Begin maart staat Procyon rond 21.00 uur lokale tijd bijna op zijn hoogste punt.
Zuidelijk halfrond: dezelfde maanden bieden de beste avondwaarnemingen in de zomer en het begin van de herfst. Kijk naar het noorden om Canis Minor te vinden. Op 40° Z culmineert Procyon ongeveer 45° boven de noordelijke horizon; op 60° Z bereikt de ster ongeveer 25°. Verder naar het zuiden blijft het sterrenbeeld erg laag en rond 77° Z komt slechts een deel ervan op. De stand verandert met de breedtegraad en het tijdstip, waardoor het niet altijd op een vaste, ondersteboven gekeerde versie van een noordelijke sterrenkaart lijkt.
Zo vind je Canis Minor aan de hemel
Gebruik de Winterdriehoek, gevormd door Procyon, Sirius en Betelgeuze, als wegwijzer. Zoek eerst Orion. Gebruik de Gordel van Orion om Sirius te vinden en zoek daarna de roodachtige Betelgeuze op een van Orions schouders. Procyon vormt de derde heldere hoek van de driehoek en staat op ongeveer 26° van zowel Sirius als Betelgeuze.
Als je Procyon hebt gevonden, kijk je ongeveer 4,3° ten noordwesten ervan om Gomeisa te vinden. Beide sterren passen in een gangbaar beeldveld van een verrekijker en vormen de herkenbaarste lijn van Canis Minor. Procyon is veel helderder, terwijl Gomeisa met magnitude 2,9 bij nevel of sterke lichtvervuiling lastiger te onderscheiden kan zijn.

Canis Minor vinden met sterrenkijk-apps
Zoek in Sky Tonight of Star Walk 2 naar Canis Minor, tik op het juiste resultaat of het doelpictogram en volg de pijl op het scherm om de kaart op de echte hemel uit te lijnen. De apps gebruiken je locatie en het geselecteerde tijdstip om de juiste stand en hoogte van het sterrenbeeld te tonen.
Je kunt ook rechtstreeks zoeken naar Procyon, Gomeisa, NGC 2485, Abell 24 of GJ 273. Controleer voordat je een lichtzwak object gaat zoeken de hoogte ervan, de hoeveelheid maanlicht en de waarneemomstandigheden op jouw locatie.
Helderste en interessantste sterren in Canis Minor
Canis Minor bevat slechts twee sterren die helderder zijn dan magnitude 4: Procyon en Gomeisa. Ze vormen geen fysiek paar; vanaf de aarde lijken ze alleen dicht bij elkaar te staan. Het sterrenbeeld bevat ook de Ster van Luyten, een nabije rode dwerg met een bevestigde exoplaneet.
Procyon – Alpha Canis Minoris
- Herkomst van de naam: van het Griekse Prokyon, dat ‘voor de hond’ betekent
- Andere naam: Alpha Canis Minoris
- Type: dubbelstersysteem bestaande uit een ster van type F en een witte dwerg
- Gecombineerde schijnbare magnitude (V): 0,34
- Afstand: ongeveer 11,5 lichtjaar
Procyon is de helderste ster in Canis Minor en de op zeven na helderste ster aan de nachtelijke hemel. Met het blote oog lijkt hij één bleek geelwit lichtpunt, maar het systeem bestaat uit Procyon A en de zwakke witte dwerg Procyon B. Ze draaien in ongeveer 40,8 jaar om elkaar heen. Procyon B verdwijnt in de gloed van de hoofdster en is zelfs voor ervaren waarnemers met grote telescopen een moeilijk doelwit.
De naam Procyon betekent ‘voor de hond’ en verwijst ernaar dat de ster, gezien vanuit het oude Griekenland, vóór Sirius, de beroemde Hondsster, opkwam. Procyon vormt een hoekpunt van zowel de Winterdriehoek als de grotere Winterzeshoek en is daardoor een handig oriëntatiepunt aan de winterhemel.
Gomeisa – Beta Canis Minoris
- Herkomst van de naam: van het Arabische al-ghumaisā', dat ‘de vrouw met ontstoken ogen’ betekent
- Andere naam: Beta Canis Minoris
- Type: snel roterende B-type ster met emissielijnen
- Schijnbare magnitude (V): ongeveer 2,84 tot 2,92
- Afstand: ongeveer 162 lichtjaar
Gomeisa is de op één na helderste ster in Canis Minor. Hij staat ongeveer 4,3° ten noordwesten van Procyon en straalt blauwwit licht uit. Samen vormen Procyon en Gomeisa het eenvoudige tweesterrenpatroon van het sterrenbeeld. Beide zijn met het blote oog zichtbaar, terwijl je met een verrekijker het kleurverschil gemakkelijker ziet.
Gomeisa is een Be-ster: hij draait snel en is omgeven door een gasschijf die emissielijnen in zijn spectrum veroorzaakt. Zijn helderheid varieert maar weinig, waardoor de verandering met het blote oog niet opvalt.
Ster van Luyten – GJ 273
- Herkomst van de naam: vernoemd naar de Nederlands-Amerikaanse astronoom Willem Jacob Luyten
- Andere namen: GJ 273, HIP 36208
- Type: rode dwerg
- Schijnbare magnitude (V): ongeveer 9,9
- Afstand: ongeveer 12,4 lichtjaar
De Ster van Luyten is een van de dichtstbijzijnde sterren binnen de grenzen van Canis Minor, maar hij is te zwak om met het blote oog te zien. Onder een donkere hemel kan een grote verrekijker hem tonen, al is een kleine telescoop betrouwbaarder. Zoek in een sterrenkijk-app naar GJ 273 in plaats van hem aan de hand van de tweesterrenfiguur van het sterrenbeeld te proberen te vinden.
Deze rode dwerg heeft GJ 273 b, een bevestigde superaarde die met de radiale-snelheidsmethode is ontdekt. De planeet draait elke 18,6 dagen om zijn ster. ‘Superaarde’ beschrijft het massabereik van de planeet, niet de omstandigheden op het oppervlak of de bewoonbaarheid.
Deep-skyobjecten in Canis Minor
Canis Minor heeft geen Messierobjecten of opvallende heldere sterrenhopen. De deep-skyobjecten zijn veel moeilijker waar te nemen: voor NGC 2485 heb je een telescoop nodig, terwijl Abell 24 het best met langbelichte opnamen wordt vastgelegd. Observeer tijdens een heldere, maanloze nacht vanaf een donkere plek; de Bortle-schaal helpt je om de plaatselijke lichtvervuiling te beoordelen.
Spiraalstelsel NGC 2485
- Type: spiraalstelsel
- Geïntegreerde schijnbare magnitude (V): ongeveer 12,2
- Afstand: ongeveer 230 miljoen lichtjaar
- Uitrusting: telescoop van minstens 250 mm onder een donkere hemel; geschikter voor astrofotografie
NGC 2485 staat ongeveer 4,9° ten noordoosten van Procyon. In een telescoop van 250 mm kan het onder een donkere, transparante hemel verschijnen als een zeer klein, zwak ovaal met een helderder centrum; visuele waarnemers moeten niet verwachten dat ze duidelijke spiraalarmen kunnen onderscheiden. Met een camera met volgmechanisme of een elektronisch ondersteunde telescoop is het stelsel gemakkelijker te zien.
Planetaire nevel Abell 24
- Type: geëvolueerde planetaire nevel
- Geïntegreerde schijnbare magnitude (V): ongeveer 13,9
- Afstand: ongeveer 2250 lichtjaar
- Uitrusting: langbelichte smalbandopnamen aanbevolen; visueel uiterst moeilijk waarneembaar
Abell 24 staat ongeveer 3,8° ten zuidoosten van Procyon. De nevel ontstond toen een verouderende ster met een lage of middelgrote massa zijn buitenlagen afstootte; de hete, nu blootgelegde kern ioniseert het uitdijende gas en laat het oplichten. Omdat de nevel ongeveer 6 boogminuten groot is, wordt zijn licht over een groot gebied verspreid en is de oppervlaktehelderheid extreem laag.
Langbelichte opnamen met H-alfa- en O III-filters tonen de ongelijkmatige schil; H-alfa-emissie veroorzaakt de rode tinten die op veel foto’s te zien zijn. Visueel is Abell 24 echter zelfs met een grote telescoop, een donkere hemel en een O III-filter zeer moeilijk waarneembaar. De kleur is door het oculair doorgaans niet te zien, omdat het menselijke nachtzicht veel minder gevoelig is voor kleur in zeer zwakke objecten.
Mythologie van Canis Minor
Canis Minor in de Griekse mythologie
Canis Minor was een van de 48 sterrenbeelden die Ptolemaeus in de 2e eeuw n.Chr. catalogiseerde, maar antieke auteurs verbonden er niet één universeel verhaal aan. Volgens de bekendste interpretatie is het de kleinere hond die Orion volgt, naast de Grote Hond.
In een overlevering die Hyginus vastlegde, stelde Canis Minor Maera voor, de trouwe hond van Icarius. Nadat Icarius was gedood, leidde Maera zijn dochter Erigone naar het lichaam; volgens Hyginus werden Icarius, Erigone en Maera later tussen de sterren geplaatst. Een andere overlevering brengt Canis Minor in verband met de Teumessische vos, die nooit gevangen kon worden, en de Grote Hond met Laelaps, een magische hond die zijn prooi altijd ving. Dit zijn verschillende tradities, geen delen van één samenhangende mythe.
Canis Minor in andere culturen
In vroege Mesopotamische sterrenlijsten werden Procyon en Gomeisa verbonden met een paar dat de Tweelingen werd genoemd, al veranderden de namen en figuren die aan dit hemelgebied werden toegekend in de loop van de tijd.
In de traditionele Chinese astronomie vormden Procyon, Gomeisa en Epsilon Canis Minoris samen Nanhe, de Zuidelijke Rivier. Deze werd gekoppeld aan Beihe, de Noordelijke Rivier, die door sterren in Tweelingen werd gemarkeerd.
Veelgestelde vragen over Canis Minor
Wanneer is Canis Minor ontdekt?
Canis Minor is niet op één bepaalde datum ontdekt: de sterren ervan waren al in oude hemeltradities vastgelegd. Claudius Ptolemaeus nam het sterrenbeeld in de 2e eeuw n.Chr. op in zijn lijst van 48 sterrenbeelden. De Internationale Astronomische Unie standaardiseerde de naam en afkorting in 1922, keurde de moderne grenzen in 1928 goed en publiceerde ze in 1930.
Hoe ver staat Canis Minor van de aarde?
Een sterrenbeeld heeft geen vaste afstand, omdat de sterren op verschillende afstanden staan en aan de hemel alleen dicht bij elkaar lijken te staan. Procyon staat op ongeveer 11,5 lichtjaar, de Ster van Luyten op ongeveer 12,4 lichtjaar en Gomeisa op ongeveer 162 lichtjaar. Het veel verder gelegen sterrenstelsel NGC 2485 staat op ongeveer 230 miljoen lichtjaar.
In welke maanden kun je Canis Minor het best zien?
Februari en maart bieden de beste avondwaarnemingen; begin maart staat het sterrenbeeld rond 21.00 uur lokale tijd bijzonder gunstig. Het ruimere waarneemseizoen in de avond loopt van december tot en met april. Waarnemers op het noordelijk halfrond moeten naar het zuiden kijken en waarnemers op het zuidelijk halfrond naar het noorden.
Kun je Canis Minor met het blote oog zien?
Ja. Procyon is erg helder en Gomeisa is bij een normaal heldere hemel zonder optische hulpmiddelen zichtbaar. De meeste andere sterren zijn veel zwakker, waardoor het herkenbare patroon vaak meer op een korte lijn lijkt dan op de gedetailleerde vorm van een hond.
Liggen Canis Major en Canis Minor naast elkaar?
Nee. Eenhoorn ligt ertussen, waardoor de twee hondensterrenbeelden niet aan elkaar grenzen. Ze staan in hetzelfde grote seizoensgebied van de hemel omdat ze beide van oudsher met Orion worden geassocieerd.
Is Canis Minor de Kleine Wagen?
Nee. Canis Minor is het sterrenbeeld Kleine Hond, dat Procyon bevat en dicht bij Orion ligt. De Kleine Wagen is een asterisme in Ursa Minor, de Kleine Beer, rond de Poolster, dicht bij de noordelijke hemelpool.
Sterrenbeeld Canis Minor: belangrijkste feiten
Canis Minor is het gemakkelijkst te zien op avonden in februari en maart. Het belangrijkste tweesterrenpatroon is eenvoudig te herkennen, maar de deep-skyobjecten zijn veel lastiger: voor NGC 2485 heb je een grote telescoop nodig, terwijl Abell 24 vooral geschikt is voor langbelichte smalbandopnamen.
Vind Canis Minor door de Winterdriehoek vanaf Sirius en Betelgeuze naar de heldere Procyon te volgen. Zoek daarna Gomeisa ongeveer 4,3° ten noordwesten van Procyon; deze twee sterren vormen de eenvoudige hoofdlijn van de Kleine Hond. De gratis app Sky Tonight kan de exacte positie en stand van het sterrenbeeld voor jouw locatie en het geselecteerde tijdstip tonen.
